Goede vraag

Als je diensten voldoende worden afgenomen, het inkomen rond, is er ruimte voor grotere problemen. Je bedenkt een antwoord aan de samenzweringsdenker in de vorm van een beeldspraak: stel de dijk is doorgebroken, het stijgende water komt op je af, je moet iets doen, vluchten naar een hoger gelegen plaats. Ga je dan eerst roepen ‘de dijk is opzettelijk doorgestoken’ en vervolgens niets doen om aan het gevaar te ontsnappen? 
De (water)geus kan natuurlijk zover van de bres wonen of op wat hogere grond zitten, dat het lang duurt eer het hoge water bij hem of haar arriveert, waarmee ie het bericht van de ramp in twijfel gaat trekken en een misschien een ontkenner wordt. Beeldspraken gaan doorgaans snel mank en ook hier krijgt het karikaturale de overhand.
Het is een veel ingewikkelder fenomeen, gelaagd, onoverzichtelijk, ondoorgrondelijk en door versimpeling (die hoogtij viert in die beweging zelf) te gebruiken om het te ontleden op zoek naar verklaringen en oplossingen, gaat het niet werken.

In een artikel van Thalia Verkade van de Correspondent las ik over een boek van Donella Meadows Thinking in Systems en daarmee was dit idee bevestigd: We praten niet over wat we zien: we zien alleen datgene waarover we kunnen praten. Het gaat erom zichtbaar te krijgen op welke manieren jij of iemand anders de wereld versimpelt.

Bestijg je stokpaardje en zie hoe romanciers en overige fictieschrijvers over het algemeen de werkelijkheid terug brengen tot een min of meer te verhapstukken geheel, wellicht ten behoeve van hun lezers, kijkers en luisteraars, maar mogelijk ook voor zichzelf. Wat heeft het voor zin alles wat je waarneemt vast te leggen in woorden zonder daar een betekenis aan te geven? Je kan er geen lijn in brengen, geen kader aan geven, en evenmin invullen wat anders onzichtbaar blijft. 
Ook non-fictie wordt zo voor een groter publiek toegankelijk gemaakt. We kunnen niet allemaal specialist zijn, astronoom, geoloog, bioloog, viroloog, natuur- of wiskundige, en niet elke wetenschapper is een goede journalist. Een blogger is dat ook niet vanzelf. Je vult je berichten met praatjes en plaatjes. Als je het niet meer weet is er altijd nog de muziek; nou ja…

Dr. Rhythm & Mr. Korg, lang geleden

Meadows noemt system boundaries: alles wat buiten je model valt. 
Waar wetenschap ervan uitgaat dat alles wat we zien terug te voeren is op simpele regels, maar dat nog niet zeker weet, omarmt de systeemdenker de omgekeerde overtuiging: alles is oneindig complex, elementen binnen systemen hebben een ingewikkelde wisselwerking met elkaar en hebben vaak onvoorspelbare effecten. Iets niet snappen is onderkennen hoe ingewikkeld de wereld in elkaar zit.

Ze raad de onderzoeker een paar dingen aan:
• Volg een systeem eerst een tijdje, om een gevoel te krijgen van hoe het werkt.
• Ga niet alleen op cijfers af. 
(Het idee dat wat we kunnen meten belangrijker is dan wat we niet kunnen meten, zou beteken dat kwantiteit belangrijker is dan kwaliteit.)

Wat gebruik je het meeste?

Hoe identificeer je jezelf, behalve met je naam, leeftijd, geboorteplaats, geslacht, lengte, gewicht, kleur ogen, huid, beharing, postuur, de maat van handen, voeten, overige lichaamsdelen, je intelligentie, iq en eq, heb je een aard en wat is die dan?
Het dna zegt wellicht een hoop meer, maar de meeste mensen weinig of niets. Het vergt meer tijd dan een oogopslag om een ander te leren kennen. En zelfkennis is ook niet een aangeboren gegeven. Je weet niet wie je bent in om het even welke situatie en je zal ze niet allemaal mee kunnen maken in een leven.

Wat is er dan vast te stellen over een groep mensen? Is het afdoende om te kijken naar wat hun al dan niet geschreven regels zijn, of moet je vervolgens bestuderen hoe ze die naleven, of er sprake is van saamhorigheid, wat hetgeen is dat hen bindt, of het meer is dan de som der delen, in hoeverre dit bestendig is, of wisselt naar gelang de omstandigheden? Zegt een eventueel na te streven gezamenlijk doel genoeg, ook al kunnen er geheel verschillende meningen bestaan over hoe dat te bereiken? Mensen zijn opportunisten, de een meer dan de ander, in ieder geval als ze (iets) willen overleven.

Als ieder individu een ingewikkeld algoritme is, waarin overeenkomstige en verschillende regels op een unieke wijze verwerkt zijn – gesteld dat je een uitkomst zou kunnen vaststellen, niet slechts achteraf – en de diverse instructies van de leden van een verband zouden op elkaar ‘losgelaten’ worden, is er dan een resultaat te berekenen, of is het een (voorlopig) oneindig proces waar (mits ingesteld) de tussenstanden van kunnen worden weergegeven? Vooralsnog kan alleen door (vergaande) versimpeling iets dergelijks betracht worden en niet uitgesloten is dat dit invloed uit kan oefenen op het proces zelf.

Iedereen in een organisatie oefent invloed uit, veel of weinig, door doen of laten, en door strenge regelgeving en handhaving kan geprobeerd worden het gewenste gedrag te sturen, de leden kunnen zich door overtuiging achter het gemeenschappelijk streven scharen, er kan beroep gedaan worden op gezond verstand, op een gedeeld sentiment of geloof, of simpelweg op straf en beloning.
Het zal doorgaans een mengsel van dit alles zijn. Het gevolg is wellicht min of meer voorspelbaar, ook als dat chaos verondersteld, en deels zelfvervullende profetie. Hoe groter de groep hoe ongewisser de toekomst ervan en die in het algemeen?

De slotsom hier en nu is niet voorzien, maar was dat mogelijk al wel, gegeven de ingrediënten, het recept, de keuken en de kok. Het weer en het seizoen zullen een rol spelen, de lezer en de schrijver, de plaats en het tijdstip van verzenden en ontvangen, stemming en gemoed, de gebezigde taal en gebruikte woorden, het kader, het raam, het (uit)zicht, de wens, de droom, de verwachting, het vermogen, de kunst, de lust. Toeval en willekeur nemen hun ruimte, gemak en domheid zitten in de hoek, moed en schaamte liggen onderuit.
Welcome to the real world?